In het kort zijn beleggingen alle bezittingen die u geld opleveren. Van beleggingen wordt u rijker. De sleutel to rijkdom en hiermee financiële onafhankelijkheid is het verzamelen van beleggingen en het kwijt proberen te raken van kostenposten. Wat het ene jaar een belegging is kan het volgende jaar een kostenpost worden,Het verschil tussen kostenposten en beleggingen Alle bezit kan fundamenteel in twee groepen worden onderverdeeld: bezit dat meer bezit oplevert (een belegging, `asset`) en bezit dat leidt tot verminderen van bezit, een kostenpost (`liability`). Investeren heeft tot doel om rijker te worden. Om van een belegging te kunnen spreken moet het bezit dus geld opbrengen. Voorbeelden: aandelen brengen meestal geld op, behalve als er in een jaar geen dividend uitgekeerd wordt. Meestal zijn aandelen dus een belegging. Een woonhuis spaart huurgeld uit. Het is ook mogelijk een (deel van een) woonhuis te verhuren. Daarentegen moeten er voor een woonhuis woonlasten worden opgebracht en zijn er de kapitaalkosten voor het woonhuis. Over het algemeen is een woonhuis een investering, tenzij sprake is van een onroerend goed zeepbel, waardoor de kosten voor het woonhuis hoger liggen dan het huren van een vervangende woning. Dit geldt ook voor een woonhuis dat groter is dan je nodig hebt. Een dure Ferrari is een kostenpost. De waarde neemt elk jaar af en de auto moet onderhouden worden, er moeten verzekeringen en wegenbelasting voldaan worden enzovoort. Als u rijker wilt worden is het dus doorgaans verstandiger om uw geld in aandelen of een woonhuis te steken dan om er een Ferrari of kunstverzameling voor te kopen (tenzij u een zeer fijne neus heeft voor occasions of oude kunst en het weer met winst kan verkopen).
Exponentiële groei
Het bijzondere van rendérende beleggingen is dat ze exponentieel groeien, het bekende rente-op-rente effect. Met behulp van de 72-regel (72% is ongeveer gelijk aan 1/wortel twee) is eenvoudig te berekenen hoeveel jaar het bij een gegeven rendement duurt voordat de investering verdubbeld is. Een voorbeeld: een investering die 8% per jaar opbrengt is verdubbeld in 72/8=9 jaar en verviervoudigd in 18 jaar. Indien u als grootouder voor een pas geboren kleinkind 10.000 euro op een beleggingsrekening stort, is deze aangegroeid tot 80.000 euro als de kleine schat zijn studie afgesloten heeft of tot 1.280.000 euro als hij met pensioen wil gaan. Als u op jonge leeftijd gebruik maakt van dit effect, kunt u zonder al te veel moeite financieel onafhankelijk worden rond uw zestigste.
Sparen Als u na uw vijftigste met investeren begint kunt u beter sparen. De rendementen van een spaarrekening liggen laag, in 2007 max. rond de 4 procent, maar daarvoor in ruil loopt u minder risico. Als u in korte tijd geld bij elkaar wilt brengen is dit de verstandigste optie.